Terug
Gepubliceerd op 25/06/2026

Besluit  OCMW-raad

di 23/06/2026 - 22:00

Reglement voor het toekennen van aanvullende thematische financiële steun

Aanwezig: Filip Vervaeke, voorzitter van de OCMW-raad
Rutger De Reu, Jan Vermeulen, Sofie D'hondt, Nathalie Lambrecht, Johan Cornelis, Marleen Vanlerberghe, Bart Van Thuyne, Bruno Dhaenens, leden vast bureau
Conny De Spiegelaere, lid vast bureau, comitévoorzitter
Eric Van Huffel, Freija Dhondt, Gunnar Claeys, Matthias Neirynck, Stephanie Debeurme, Olaf Evrard, Els Baart, Jan Pauwels, Bart Vermaercke, Alexander Adams, Carline De Paepe, Ortwin Depoortere, Peter Parmentier, Marc Cocquyt, Beatrice Thaler, An Standaert, Ilse Dobbelaere, Delphine Verschelde, Hugo Schaeck, Zoë Van Doorne, Peter De Maertelaere, Lena Adams, gemeenteraadsleden
Stefanie De Vlieger, algemeen directeur
Verontschuldigd: Kristof Van den Berghe, Bram Stroobandt, gemeenteraadsleden
Ronny Vermeulen, waarnemend raadslid
Regelgeving

De gecoördineerde grondwet van 17 februari 1994, artikels 41 en 162.

De wet van 8 juli 1976 betreffende de openbare centra voor maatschappelijk welzijn, artikel 1.

De wet van 14 november 1983 betreffende de controle op de toekenning en op de aanwending van sommige toelagen. 

De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, de artikels 1, 2 en 3.

Het decreet van 22 december 2017 en latere wijzigingen over het lokaal bestuur, de artikels 77 en 78 over de bevoegdheid van de raad voor maatschappelijk welzijn.

Het bestuursdecreet van 7 december 2018.

Bijlagen

Het besluit van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van 23 januari 2020 - reglement tussenkomst huurkosten. (via relaties OR/2020/002)

Het besluit van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn van 23 januari 2020 - reglement voor het toekennen van tegemoetkoming kindgerichte actie. (via relaties OR/2020/004)

Het advies van het BCSD van 11 juni 2026.

Motivering

Stad Deinze wenst voor de periode van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027 een aanvullende thematische financiële steun te verlenen aan kwetsbare inwoners van Deinze. Deze steun bundelt en verruimt bestaande tegemoetkomingen, waaronder de huurpremie, de kindgerichte actie en de tussenkomst voor zuigelingenvoeding.

De aanvullende steun heeft als doel financiële drempels te verminderen en inwoners te ondersteunen bij noodzakelijke uitgaven die zij niet (volledig) kunnen dragen. 

De REMI-tool is een webapplicatie, ontwikkeld door CEBUD in samenwerking met Thomas More, die referentiebudgetten vastlegt voor een menswaardig inkomen.

De tool maakt het mogelijk om concrete leefsituaties te toetsen aan deze referentiebudgetten. Maatschappelijk werkers zullen de REMI tool gebruiken bij het toekennen van aanvullende financiële steun en bij het bepalen van leefgelden in het kader van schuldhulpverlening. 

REMI berekent het benodigde inkomen op basis van de werkelijke inkomsten en noodzakelijke uitgaven. Deze objectieve methodiek draagt bij tot een gelijke behandeling van hulpvragers en zorgt voor transparante besluitvorming. De tool werkt met referentiebudgetten, zijnde minimumkosten voor een menswaardig leven, aangepast aan de gezinssituatie. Hierdoor wordt eventuele aanvullende financiële steun gebaseerd op realistische levenskosten.

De steun kan betrekking hebben op volgende levensdomeinen:

  • huisvesting en energie
  • medische en paramedische kosten
  • kosten voor inwonende kinderen die recht geven op het groeipakket
  • specifieke kosten voor baby's tot één jaar
  • kosten die de mobiliteit in functie van activering bevorderen
  • kosten die de maatschappelijke participatie ondersteunen

Bij de beoordeling van een aanvraag wordt rekening gehouden met:

  • de financiële (alle inkomsten en uitgaven) en sociale situatie van de aanvrager
  • de noodzakelijkheid en eventuele dringendheid van de kosten
  • uitputten van alle mogelijke rechten
Na een sociaal onderzoek, ondersteund door de REMI-tool, kunnen de medewerkers van het Sociaal Huis aanvullende thematische financiële steun toekennen wanneer blijkt dat de beschikbare inkomsten ontoereikend zijn om bepaalde noodzakelijke uitgaven te dragen.
 
Bij het toekennen van de steun wordt van de aanvrager verwacht dat hij/zij gedurende een periode van minstens zes maanden actief en constructief meewerkt aan het vooropgestelde begeleidingstraject, dit om de situatie duurzaam te verbeteren.

De aanvullende financiële steun wordt beperkt tot de noodzakelijke kosten en toegekend binnen de beschikbare budgettaire kredieten.

Het reglement zal in april 2027 worden geëvalueerd. Indien nodig, zal het reglement worden bijgestuurd en opnieuw ter goedkeuring worden voorgelegd aan de OCMW-raad.

Het BCSD wordt elk kwartaal in kennis gesteld van de toegekende en niet-toegekende aanvragen voor aanvullende financiële steun.

Financiële impact

Het krediet om deze beslissing uit te voeren is voorzien op:

 meerjarenplan 2026-2031

 Exploitatie

 jaar

 2026 - 2027

 beleidsitem

 090000 - sociale bijstand

 algemene rekening

 648101 - aanvullende thematische steun 

 a

 geen

 krediet

 €186.560
Reglementen

Periode 

Artikel 1 
Er wordt voor een termijn van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027 een reglement gevestigd voor het toekennen van een aanvullende thematische financiële steun aan kwetsbare inwoners van Deinze.

Doel

Artikel 2
Via dit reglement kent de Stad Deinze aanvullende thematische financiële steun toe. De Stad Deinze wil hiermee inwoners ondersteunen om een menswaardig leven te kunnen leiden en voorkomen dat zij in armoede of sociale uitsluiting terechtkomen. Door deze steun draagt het lokaal bestuur bij aan bestaanszekerheid, duurzame zelfredzaamheid en volwaardige maatschappelijke participatie.

Definities

Artikel 3
In dit reglement hebben onderstaande termen de ernaast vermelde betekenis of toepassing: 

  • Stad Deinze: het stadsbestuur, de organisatie
  • De stad Deinze: het grondgebied van de Stad
  • Gezin: de aanvrager, samen met alle feitelijke samenwonende meerderjarige ascendenten en descendenten van de eerste en tweede graad. De inkomsten en uitgaven van deze personen worden gezamenlijk in rekening gebracht. Dit omvat meerderjarige kinderen, kleinkinderen, ouders en grootouders. Per gezin kan slechts één persoon de aanvraag doen.
  • Huisvestingskosten: alle noodzakelijke kosten die verbonden zijn aan het bewonen van een woning. Hieronder vallen huur, aflossing hypotheek, kosten voor nutsvoorzieningen, kosten in verband van een verhuis, noodzakelijke onderhouds- en herstellingskosten.
  • Medische en paramedische kosten: alle noodzakelijke kosten die verband houden met het voorkomen, onderzoeken, behandelen, opvolgen of revalideren van gezondheidsproblemen en die worden verstrekt door erkende zorgverleners. De noodzakelijkheid van deze kosten moet blijken uit een medisch voorschrift of een attest van een erkende zorgverlener.
  • Kosten voor inwonende kinderen die recht geven op het groeipakket: de noodzakelijke uitgaven die rechtstreeks verband houden met het onderhoud, de opvoeding, de verzorging en de ontwikkeling van het kind.
  • Specifieke kosten voor baby's tot één jaar: de noodzakelijke uitgaven voor de voeding, waaronder zuigelingenvoeding, de verzorging, hygiëne, gezondheid en basisuitrusting van een kind 
  • Kosten die de mobiliteit in functie van activering bevorderen: kosten die worden gemaakt om personen te ondersteunen bij het vinden, behouden of hervatten van werk, of om hun verplaatsingen in functie van opleiding, werk of arbeidsinschakeling mogelijk te maken 
  • Kosten die de maatschappelijke participatie ondersteunen: kosten die bijdragen aan de actieve deelname van een persoon aan het maatschappelijk leven en die sociale integratie, zelfredzaamheid, ontmoeting, ontspanning, cultuur, sport, educatie of gemeenschapsvorming bevorderen
  • Private woning: woning die gehuurd wordt op de private huurmarkt
  • Maximale huurprijs: huurprijs die werd vastgelegd in het huurcontract
  • Inkomsten: alle inkomsten van de aanvrager, alle feitelijke samenwonende meerderjarige ascendenten en descendenten van de eerste en tweede graad
  • Uitgaven: alle uitgaven van de aanvrager, alle feitelijke samenwonende meerderjarige ascendenten en descendenten van de eerste en tweede graad

Doelgroep en toepassingsgebied 

Artikel 4
§1. Aanvullende steun kan toegekend worden aan inwoners die cumulatief aan onderstaande voorwaarden voldoen:

  • De aanvrager verblijft op datum van de aanvraag minstens zes maanden op het grondgebied van de stad Deinze
  • De aanvrager bevindt zich in een financiële kwetsbare situatie die een tussenkomst noodzakelijk maakt. Deze kwetsbaarheid wordt vastgesteld op basis van het sociaal onderzoek op basis van de REMI-tool. Er is sprake van financiële kwetsbaarheid indien het verschil tussen de werkelijke maandelijkse inkomsten en de noodzakelijke maandelijkse uitgaven leidt tot een structureel tekort van ten minste 100 euro per maand
  • De aanvrager beschikt niet over voldoende beschikbare inkomsten of middelen om de gevraagde uitgave volledig zelf te bekostigen
  • De aanvrager en de leden van zijn gezin bezitten geen onroerende goederen in volle eigendom of vruchtgebruik in België of buitenland, met uitzondering van de eigen woning die zij daadwerkelijk bewonen
  • Het totaal van de beschikbare financiële reserves van de aanvrager en zijn gezin bedraagt niet meer dan 6200 euro op het moment van de aanvraag
  • De aanvrager verbindt zich ertoe actief mee te werken aan een begeleidingstraject aangeboden door het Sociaal Huis vanaf de toekenningsperiode van de aanvullende steun met een minimale periode van zes maanden. 

§2. Aanvullende financiële steun wordt niet toegekend aan inwoners: 

  • Die in de twaalf maanden voorafgaand aan de aanvraag geweigerd hebben hun medewerking te verlenen in het kader van een sociaal onderzoek, zoals vastgesteld en gemotiveerd in het cliëntdossier. 

§3. De aanvullende financiële steun is cumuleerbaar met:

  • Het leefloon of equivalent leefloon
  • Federale, Vlaamse of andere wettelijke tegemoetkomingen
  • Andere lokale subsidies, premies of tussenkomsten.

De aanvullende financiële steun heeft een aanvullend karakter en wordt uitsluitend toegekend als laatste vangnet (ultimum remedium).

§4. Per gezin kan slechts één persoon de aanvraag doen. 

§5. Aanvragen voor aanvullende financiële steun die buiten de scope van dit subsidiereglement vallen, worden voorgelegd aan het Bijzonder Comité van de Sociale dienst (BCSD).

Voorwaarden

Artikel 5

§1. In onderling overleg tussen de aanvrager en de maatschappelijk werker-cliëntbegeleider of medewerker van de Wegwijzer wordt vastgesteld voor welke uitgaven de aanvullende financiële steun wordt aangewend. Deze steun kan worden toegekend voor volgende kosten die bijdragen aan de basisbehoeften, het welzijn en de maatschappelijke participatie: 

  • Huisvestingskosten 
  • Medische en paramedische kosten 
  • Kosten voor inwonende kinderen die recht geven op het groeipakket 
  • Specifieke kosten voor baby’s tot één jaar 
  • Kosten ter bevordering van mobiliteit in functie van activering 
  • Kosten ter ondersteuning van maatschappelijke participatie 

§2. De aanvullende financiële steun kan worden toegekend onder de vorm van: 

  • Een éénmalige steun
  • Een maandelijkse aanvullende steun. 

§3. Een maandelijkse aanvullende steun wordt in principe toegekend voor een periode van maximaal één jaar. Verlenging is enkel mogelijk na een nieuw sociaal onderzoek en een herbevestiging van het begeleidingstraject. 

§4. Naast de maandelijkse aanvullende steun kan ook een éénmalige steun worden toegekend. Indien nodig kunnen meerdere éénmalige steunen binnen hetzelfde kalenderjaar worden toegekend, voor zover het maximale jaarbedrag per aanvrager niet wordt overschreden.

§5. De aanvrager is verplicht: 

  • Elke wijziging in zijn persoonlijke, gezin, woon of financiële situatie die een impact kan hebben op het recht op aanvullende financiële steun, onmiddellijk te melden aan de maatschappelijk werkercliëntbegeleider. 

Subsidiebedrag 

Artikel 6 

§1. Het basisbedrag van de aanvullende thematische financiële steun bedraagt maximaal 120 euro per jaar voor een alleenstaande en maximaal 180 euro per jaar voor samenwonenden of gehuwden. Dit basisbedrag kan worden gecumuleerd met de bijkomende aanvullende financiële steun zoals bedoeld in §2, §3 en §4.

§2. De bijkomende aanvullende thematische financiële steun bedraagt maximaal 280 euro per kind per jaar voor kosten van inwonende kinderen die recht geven op groeipakket.

§3. De bijkomende aanvullende financiële steun bedraagt maximaal 20 euro per week en met een maximum van 500 euro per kind per jaar voor baby's tot één jaar.

§4. De bijkomende aanvullende financiële steun bedraagt maximaal 125 euro per maand bij het huren van een conforme woning op de private huurmarkt mits aan volgende voorwaarden gelijktijdig wordt voldaan: 

  • Een woning huren op de private huurmarkt en geen woning in volle eigendom of vruchtgebruik hebben in België en/of in het buitenland
  • Voor de woning dient een conformiteitsattest voorgelegd te worden
  • De huurprijs mag niet hoger zijn dan de maximale huurprijs die geldt voor het openen van recht op de Vlaamse huurpremie
  • Het inkomen van het gezin is beperkt tot de grensbedragen om recht te openen op de Vlaamse huurpremie. Deze grensbedragen worden jaarlijks door Vlaanderen vastgelegd
  • De rechthebbende moet ingeschreven zijn en blijven voor een sociale woning

Procedure

Artikel 7 - aanvraag
Aanvragers die nog geen actief dossier hebben bij het Sociaal Huis kunnen een aanvraag indienen via De Wegwijzer. De aanvrager die een actief dossier heeft, legt de vraag voor aan de maatschappelijk werker-cliëntbegeleider.  

Artikel 8 - beoordeling 
§1. De medewerker van het sociaal huis beoordeelt de subsidieaanvraag op basis van de reglementaire voorwaarden zoals opgenomen in dit reglement.

§2. Bij de aanvraag kan de medewerker van het sociaal huis  bijkomende inlichtingen inwinnen die noodzakelijk zijn voor de beoordeling van de subsidieaanvraag. Hiertoe behoort ook de mogelijkheid van een aangekondigd huisbezoek door een maatschappelijk werker. Indien de aanvrager hierbij zijn medewerking weigert, vervalt het recht op de subsidie.  

Artikel 9 - beslissing 
§1. De beslissing over de toekenning van de aanvullende financiële thematische steun wordt genomen door een medewerker van het Sociaal huis.

§2. De medewerker van het sociaal huis stelt de aanvrager in kennis van de goedkeuring of weigering van de subsidieaanvraag.
De gemotiveerde beslissing over de toekenning van de financiële steun wordt via de eBox meegedeeld aan de aanvrager als de aanvrager een actieve eBox heeft en op papier als de aanvrager geen actieve eBox heeft. De beroepsmogelijkheden worden tevens toegevoegd. Wanneer de aanvrager een actief dossier heeft, wordt de toekenning en het toegekende bedrag gemotiveerd in het cliëntendossier.

Artikel 10 - controle op uitvoering
§1. De medewerking van de aanvrager in kader van het begeleidingstraject wordt geëvalueerd door de maatschappelijk werker - cliëntbegeleider.   

Artikel 11 - uitbetaling
§1. De uitbetaling van de subsidie gebeurt na de beslissing via overschrijving op het bankrekeningnummer van de aanvrager zoals vermeld in de aanvraag. 

§2. De aanvrager verbindt zich ertoe het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn onverwijld schriftelijk op de hoogte te brengen wanneer het bankrekeningnummer van de aanvrager wijzigt. 

§3. Ieder kwartaal wordt een lijst met de toegekende en niet toegekende aanvragen tot aanvullende financiële steun ter kennis gebracht van het BCSD.

Sancties en terugvordering

Artikel 12

§1. De subsidie moet steeds gebruikt worden voor het doel waarvoor ze is toegekend. Zo niet dient de subsidie terugbetaald te worden.

§2. De geldelijke aanvullende financiële steun wordt stopgezet en teruggevorderd: 

  • wanneer de aanvrager nalaat relevante wijzigingen te melden 
  • wanneer de aanvrager geen constructieve houding aanneemt binnen het afgesproken begeleidingstraject, zoals vastgesteld en gemotiveerd door de maatschappelijk werker‑cliëntbegeleider. 

§3. Aanvullende financiële steun die ten onrechte werd toegekend, wordt integraal teruggevorderd van de aanvrager. 

§4. Stad Deinze heeft het recht om de aanwending van de verleende subsidie en de naleving van de reglementaire voorwaarden te controleren. Als de aanvrager zich verzet tegen deze controle of nalaat de vereiste bewijsstukken tijdig aan te leveren, is hij/zij gehouden tot terugbetaling van de subsidie. 

Betwistingen

Artikel 13
Alle betwistingen over de toepassing van dit reglement worden beslecht door het vast bureau.


Publieke stemming
Aanwezig: Filip Vervaeke, Rutger De Reu, Jan Vermeulen, Sofie D'hondt, Nathalie Lambrecht, Johan Cornelis, Marleen Vanlerberghe, Bart Van Thuyne, Bruno Dhaenens, Conny De Spiegelaere, Eric Van Huffel, Freija Dhondt, Gunnar Claeys, Matthias Neirynck, Stephanie Debeurme, Olaf Evrard, Els Baart, Jan Pauwels, Bart Vermaercke, Alexander Adams, Carline De Paepe, Ortwin Depoortere, Peter Parmentier, Marc Cocquyt, Beatrice Thaler, An Standaert, Ilse Dobbelaere, Delphine Verschelde, Hugo Schaeck, Zoë Van Doorne, Peter De Maertelaere, Lena Adams, Stefanie De Vlieger
Voorstanders: Filip Vervaeke, Rutger De Reu, Jan Vermeulen, Sofie D'hondt, Nathalie Lambrecht, Johan Cornelis, Marleen Vanlerberghe, Bart Van Thuyne, Bruno Dhaenens, Conny De Spiegelaere, Eric Van Huffel, Freija Dhondt, Gunnar Claeys, Matthias Neirynck, Stephanie Debeurme, Olaf Evrard, Els Baart, Jan Pauwels, Bart Vermaercke, Alexander Adams, Carline De Paepe, Kristof Van den Berghe, Ortwin Depoortere, Peter Parmentier, Marc Cocquyt, Beatrice Thaler, An Standaert, Ilse Dobbelaere, Delphine Verschelde, Hugo Schaeck, Zoë Van Doorne, Peter De Maertelaere, Lena Adams
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Artikel 1
De raad voor maatschappelijk welzijn keurt het subsidiereglement voor aanvullende thematische financiële steun voor de periode van 1 juli 2026 tot en met 30 juni 2027 goed. 

Artikel 2
Een kopie van dit besluit wordt bezorgd aan de financieel directeur en aan de betrokken dienst belast met de toepassing van dit reglement.

Artikel 2
Dit besluit van het openbaar centrum voor maatschappelijk welzijn en de inhoud ervan wordt bekendgemaakt op de webtoepassing van de stad. De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking (artikel 286 § 2, artikel 287 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017).