De gecoördineerde grondwet van 17 februari 1994, artikel 173.
Het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, artikel 235 § 1 over de bevoegdheden van de Raad van Bestuur van het AGB en artikel 240 § 4 over de tariefbepaling.
Het bestuursdecreet van 7 december 2018.
De statuten van het autonoom gemeentebedrijf AGB Stad Deinze, goedgekeurd door de gemeenteraad op 27 maart 2025.
Het besluit van de Raad van Bestuur van 17 juni 2025 over het retributiereglement ter invordering van niet-fiscale ontvangsten.
Het besluit van de Raad van Bestuur van het AGB stad Deinze van 20 maart 2023 over het retributiereglement voor de terbeschikkingstelling van diverse zalen in cultuurcentrum Leietheater - aanpassing.
Voor de goede werking van de zalen in het cultuurcentrum Leietheater worden de retributies vastgelegd voor de periode 1 januari 2026 tot 31 december 2031. Een voorstel werd uitgewerkt waarbij de tarieven aangepast worden aan de levensduurte. Op basis van de ervaringen van de voorbije jaren werden een aantal aanpassingen gedaan. De vergaderzaal wordt niet meer verhuurd. De waarborg werd geschrapt.
Deze beslissing valt niet onder de visumplicht.
De ontvangst van deze beslissing zal geboekt worden op:
| meerjarenplan 2026-2031 |
Exploitatie |
| jaar |
2026-2031 |
| beleidsitem |
070101 - Leietheater |
| algemene rekening |
700603 - Retributies: ter beschikking stellen zalen Leietheater/Mudel |
| actie |
geen |
| krediet 2026 |
62.069 euro |
Periode
Artikel 1
Er wordt voor een termijn aanvangend op 1 januari 2026 en eindigend op 31 december 2031 een retributiereglement geheven op terbeschikkingstelling van diverse zalen in cultuurcentrum Leietheater
Schuldenaar
Artikel 2
De retributie is verschuldigd door de huurder van de diverse zalen in het cultuurcentrum Leietheater.
Definities
Artikel 3
Volgende definities worden bepaald:
Artikel 3.1: begrippen
Artikel 3.2: beschikbare zalen
Volgende zalen zijn ter beschikking van derden in het cultuurcentrum:
Artikel 3.3: gebruiksperiode
De zalen worden betaald per gebruikt dagdeel:
De gebruiksperiode omvat alle dagdelen waarop de zaal onbeschikbaar is voor ander gebruik. Tijd voor opbouw en afbraak, ook van de theatertechnieken, moet meegerekend worden in de gebruiksperiode. Door het inhangen van licht- en geluid of plaatsen van decor wordt de zaal onbeschikbaar voor ander gebruik.
Een gedeelte van een dagdeel wordt bij de prijsbepaling als een volledig dagdeel beschouwd.
Artikel 3.4: prijscategorieën
Groep A:
Groep B:
Groep C:
Groep D:
Groep E:
Tarieven
Artikel 4
De retributie wordt als volgt vastgesteld:
Artikel 4.1: tarieven
Bij gebruik van meerdere aaneengesloten dagdelen voor 1 productie (met 1 opbouw en 1 afbraak) wordt een vermindering toegestaan van het aantal betalende dagdelen.
Avond en voormiddag van de daaropvolgende dag worden als aaneensluitend beschouwd, alhoewel het cultuurcentrum tussen middernacht en 8 uur niet beschikbaar is.
Dagdelen van een aangesloten periode worden als volgt aangerekend:
Deze berekening is enkel van toepassing op voorwaarde dat alle aaneengesloten dagdelen van de gebruiksperiode vallen binnen een periode van 7 aaneengesloten dagen.
| Gebruikte dagdelen | Betalende dagdelen |
| 1 |
1 1,5 2 2,5 3 3,25 telkens + 0,25 |
Artikel 4.2: prijzen zalen
Theaterzaal
In het gebruik van de theaterzaal is het gebruik van de loges inbegrepen.
Bij gebruik van de theaterzaal is de permanentievergoeding verplicht en niet inbegrepen.
Kleine zaal
In het gebruik van de kleine zaal is het gebruik van de loges inbegrepen.
Bij gebruik van de kleine zaal is de permanentievergoeding verplicht en niet inbegrepen.
Hoekzaal
Artikel 4.3: toegang tot het gebouw voor of na de dagdelen zoals bepaald in artikel 3.3
Voor de toegang tot het gebouw voor of na de dagdelen zoals bepaald in artikel 3.3 worden de volgende tarieven aangerekend :
Artikel 4.4: permanentievergoeding
Bij activiteiten in de theaterzaal en kleine zaal is het verplicht de permanentievergoeding te betalen. Via de permanentievergoeding wordt een personeelslid van Leietheater voorzien voor de organisatie van de toegang, het algemeen toezicht, onthaal en eventuele opvolging van de ticketverkoop.
Permanentievergoeding: forfaitair bedrag van 130 euro per dagdeel met publiek. Indien een productie uit meerdere voorstellingen bestaat, wordt per voorstelling een aparte permanentievergoeding aangerekend.
Artikel 4.5: Kosten voor ticketafhandeling
Indien gebruik wordt gemaakt van het geautomatiseerd ticketsysteem is er afhandelingskost verschuldigd per ticket. Ieder ticket dat wordt aangemaakt in het ticketsysteem wordt als afgehandeld beschouwd, ook al gaat het over gratis tickets (bv. voor gasten of VIP’s).
Tarief voor het gebruik van het geautomatiseerd ticketsysteem:
Artikel 4.6: kosten techniek
Tijdens de contractueel vastgelegde gebruiksperiode van de theaterzaal en/of de kleine zaal is de inzet van 1 technieker inbegrepen voor de opbouw techniek, afbraak techniek en permanentie techniek tijdens de voorstelling. Bijkomende uren techniek (in geval van nood aan 2e technieker) kosten 60 euro per uur via offerte vooraf (op basis van de technische fiche). Per gebruiksperiode is maximaal 1 technieker inbegrepen, ook al worden meerdere zalen gereserveerd. Bijkomende techniekuren buiten de 3 voorziene dagdelen worden aan aparte tarieven gefactureerd : zie artikel 4.3.
Alle beschikbare technisch materiaal van het Leietheater is inbegrepen. De huur van extern technisch materiaal door het Leietheater is voor rekening van de gebruiker. Alle kosten voor energie, water en internet zijn inbegrepen.
Artikel 4.7: prijzen dranken en voeding
Het schenken en verkopen van dranken en/of voeding moet steeds vooraf goedgekeurd worden. Bij verkoop dienen minimum dezelfde prijzen gebruikt te worden als de theaterbar. Alle dranken worden verplicht aangekocht via het AGB bij de concessie op basis van een apart retributiereglement. De aankoop van voeding is vrij, maar kan via het AGB aangekocht worden bij de concessie.
Artikel 4.8: kosten bij extra opkuis
Indien de zalen niet proper achtergelaten worden in overeenstemming met het gebruiksreglement, zullen bijkomende schoonmaakkosten aangerekend worden. Dit zal automatisch gebeuren onmiddellijk na het vaststellen van het in gebreke blijven. Het verantwoordelijk personeelslid van het AGB Stad Deinze is bevoegd voor de vaststellingen. De kosten voor de bijkomende schoonmaak bedragen 75 euro per uur, met een minimum van 2 uur, en per ingezet personeelslid.
Artikel 4.9: annulatiekosten
Indien langer dan 2 maanden vooraf voor de theaterzaal en de kleine zaal en langer dan 14 dagen vooraf bij de vergaderzaal en de hoekzaal wordt geannuleerd, bedraagt de annulatiekost 10 % van het totale bedrag voor de terbeschikkingstelling, met een minimum van 5 euro. Bij latere annulatie bedraagt de annulatiekost 50 %, met een minimum van 20 euro.
Artikel 5
Deze retributies, met uitzondering van artikel 4.6, zullen jaarlijks, en dit op 01 januari van elk jaar, geïndexeerd worden volgens onderstaande formule :
Belasting jaar X = Basistarief belasting * gezondheidsindex oktober jaar X-1 (basis 2013 = 100)
Gezondheidsindex december 2025 (basis 2013 = 100)
met volgende afrondingen: berekend geïndexeerd bedrag wordt naar boven afgerond naar de dichtstbijzijnde halve euro.
Artikel 6
Alle bovenstaande retributies zijn inclusief BTW.
Wijze van betaling
Artikel 7
Aan de retributieplichtige wordt een factuur met het verschuldigde bedrag toegezonden. Het verschuldigde bedrag wordt betaald binnen dertig dagen vanaf de verzending van de factuur.
Maatregelen bij weigering van betaling
Artikel 8
Het retributiereglement van 17 juni 2025 ter invordering van niet-fiscale ontvangsten is van toepassing op dit retributiereglement.
Artikel 9
Bij weigering of nalatigheid om de retributie te betalen, geschiedt de invordering volgens de regels van de burgerlijke rechtspleging voor het betwiste gedeelte.
Voor het niet-betwiste gedeelte van de niet-fiscale vorderingen geschiedt de invordering overeenkomstig artikel 177 van het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur en latere wijzigingen.
Artikel 1
De retributie voor Leietheater wordt met ingang van 1 januari 2026 tot en met 31 december 2031 vastgesteld.
Artikel 2
Een kopie van dit besluit wordt aan de financieel directeur bezorgd en aan de betrokken dienst belast met de toepassing van dit reglement.
Artikel 3
Dit besluit en de inhoud ervan wordt bekendgemaakt via de besluitenlijst van de Raad van Bestuur op de webtoepassing van de stad en gepubliceerd op de webtoepassing van de stad. De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking (artikel 285 § 1, 2°, artikel 287 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen).