Terug
Gepubliceerd op 19/12/2025

Besluit  gemeenteraad

wo 17/12/2025 - 19:30

Politieverordening op de begraafplaatsen en lijkbezorging

Aanwezig: Filip Vervaeke, voorzitter van de gemeenteraad
Rutger De Reu, burgemeester
Jan Vermeulen, Sofie D'hondt, Nathalie Lambrecht, Johan Cornelis, Marleen Vanlerberghe, Bart Van Thuyne, Bruno Dhaenens, schepenen
Conny De Spiegelaere, schepen, voorzitter BCSD
Annick Verstraete, Eric Van Huffel, Freija Dhondt, Gunnar Claeys, Matthias Neirynck, Stephanie Debeurme, Olaf Evrard, Els Baart, Jan Pauwels, Bart Vermaercke, Alexander Adams, Carline De Paepe, Kristof Van den Berghe, Ortwin Depoortere, Peter Parmentier, Bram Stroobandt, Marc Cocquyt, Beatrice Thaler, An Standaert, Ilse Dobbelaere, Delphine Verschelde, Hugo Schaeck, Zoë Van Doorne, Peter De Maertelaere, gemeenteraadsleden
Ronny Vermeulen, waarnemend gemeenteraadslid
Stefanie De Vlieger, algemeen directeur
Regelgeving

Het decreet van 22 december 2017 over het lokaal bestuur, artikel 56 over de bevoegdheden van het college van burgemeester en schepenen. 

Het bestuursdecreet van 7 december 2018.

Het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en lijkbezorging. 

Omzendbrief KBB/ABB2024/X van 20 september 2024 over de toepassing van het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en de lijkbezorging en de uitvoeringsbesluiten. 

De politieverordening op de begraafplaatsen en lijkbezorging, laatst gewijzigd op 27 februari 2025. 

Bijlagen

Politieverordening begraafplaatsen en lijkbezorging 25.02.2025.
Politieverordening nieuwe versie.

Motivering

De politieverordening op de begraafplaatsen en lijkbezorging werd laatst gewijzigd op 27 februari 2025. 

Tijdens de bespreking van de meerjarenplanning 2026-2031 begraafplaatsen én de daaraan gekoppelde budgetten ontstonden nieuwe inzichten met betrekking tot het beheer en de inrichting van de begraafplaatsen. Deze nieuwe inzichten hebben ertoe geleid de politieverordening op de begraafplaatsen op een aantal punten te actualiseren en te verduidelijken. 

Grafkelders

Bij de totstandkoming, goedkeuring en latere wijzigingen aan het decreet van 16 januari 2004 op de begraafplaatsen en lijkbezorging is het uitgangspunt steeds gebleven het voorzien in een kaderdecreet waarbij de lokale bersturen een eigen beleid kunnen bepalen, zonder dat alles centraal in detail wordt geregeld. Het toekennen van een belangrijke rol aan de gemeenten in deze materie is verantwoord. De gemeente staat het dichtst bij de burger en is het best in staat om rekening te houden met de lokale omstandigheden in deze gevoelige materie. Het gemeentebestuur kan autonoom richtlijnen uittekenen die de bepalingen van het decreet uitbreiden of hetgeen in het decreet als optie is ingeschreven niet op het lokaal niveau toe te passen. 

De begraving van een stoffelijk overschot in een kist op de begraafplaats kan op verschillende manieren gebeuren. De meest traditionele manier is de begraving van een stoffelijk overschot in een grafkuil op de begraafplaats. De begraving van een stoffelijk overschot in een grafkelder wordt eveneens toegelaten door het decreet. De gemeenteraad kan beslissen of de begravingen in kelders wordt toegestaan. De raad is dus niet verplicht deze twee mogelijkheden van begraven, namelijk begravingen in volle grond en in een grafkelder op hun begraafplaatsen aan te bieden. Ongeacht het aantal opties van begraving die de gemeentelijke overheid verkiest, dient men rekening te houden met de verplichting van het gratis begraven(= het niet-geconcedeerd begraven). 

Na de invoering van de wet van 20 juli 1971 werd het politiereglement Deinze op de begraafplaatsen en de lijkbezorging voor het eerst grondig geactualiseerd en gecoördineerd. Om volgende generaties niet op te zadelen met de nadelen die verbonden zijn aan het verlenen van kelders werd bij deze gelegenheid beslist om met ingang van 1 januari 1999 geen grafkelders meer te verlenen. Deze bewuste keuze heeft de daaropvolgende jaren nauwelijks tot niet geleid tot klachten of grieven bij de bevolking. 

Bij de fusie van Deinze en Nevele op 1 januari 2019 werd vastgesteld dat de politiereglementen op de begraafplaatsen en lijkbezorging van beide gemeenten gebaseerd waren op standpunten die op sommige vlakken vrij ver uit elkaar lagen. Om een toekomstgericht en efficiënt beheer van de begraafplaatsen te faciliteren was het noodzakelijk de reglementen te actualiseren en verder te coördineren. Dat gebeurde met de politieverordening op de begraafplaatsen en lijkbezorging van 19 december 2019. Omwille van de gevoeligheid van de materie werden in de politieverordening overgangsmaatregelen voorzien. Dit heeft geleid tot een situatie waarbij op de begraafplaatsen gelegen op vroeger grondgebied Nevele, ondanks de eerdere afschaffing in Deinze, nog steeds de mogelijkheid werd geboden om stoffelijk overschotten te begraven in een grafkelder. Intussen is er vijf jaar verstreken. Het is dan ook tijd een einde te stellen aan de ongelijkheid die was ontstaan door de overgangsmaatregelen opgenomen in de politieverordening en dus de mogelijkheid om te begraven in een grafkelder af te schaffen. 

Het afschaffen van begraving in grafkelder wordt verder als volgt gemotiveerd: 

  • Grafkelders zorgen voor een extra belasting van de bodem en verstoren bij grote aantal het het infiltratievermogen van de bodem.
  • Grafkelders verhinderen de snelle ontbinding van een stoffelijk overschot. Wanneer bij beëindiging van de graftermijn de grafkelder moet geruimd worden stelt zich het probleem van de definitieve verwijdering van de stoffelijke overschotten. Deze moet men ofwel afvoeren naar een crematorium, ofwel deponeren in een ossuarium. In beide gevallen wordt men geconfronteerd met stoffelijke overschotten die vaak slechts in beperkte mate ontbonden zijn. 
  • Bij een mogelijke herbestemming van de begraafplaats in de toekomst stelt zich het probleem van verwijdering van de grafkelders. 
  • De laatste jaren is een duidelijke verschuiving merkbaar van begraving in volle grond of grafkelder naar crematie gevolgd door asverstrooiing of bijzetting van de urne in een urnenkelder. In 2023 werd reeds 78 procent van de Vlamingen gecremeerd. Crematie biedt bovendien meer voordelen. Bij begrafenis is de laatste rustplaats van de overledene per definitie een begraafplaats. Bij een crematie kan men de as naar een urnenkelder brengen, of die ook thuis bewaren. Zelfs uitstrooien op zee is een optie. 

Het college stelt voor om op de begraafplaatsen op vroeger grondgebied Nevele enkel nog grafkelders te verlenen tot uitputting kelders geplaatst vóór 1 januari 2026.

Uniform grafteken urnenkelder

De begraving van een urne kan op verschillende manieren gebeuren, namelijk in volle grond (urnenveld) of in een urnenkelder. De gemeenteraad bepaalt de oppervlakte van de kuilen en de ruimte ertussen. De oppervlakte van de kuilen (urnenkelders) mag relatief klein zijn, maar het moet mogelijk zijn om een grafteken te plaatsen. De gemeentelijke overheid beslist autonoom om al dan niet urnenkelders te plaatsen. Bij het actualiseren en coördineren van het politiereglement Deinze op de begraafplaatsen en lijkbezorging op 19 december 1998 werd beslist om enkel nog uniforme graftekens te plaatsen op de urnenkelders. Bij de volgende actualisering en op elkaar afstemmen van de reglementen van Deinze en Nevele op 19 december 2019 werden, naar analogie met de grafkelders, overgangsmaatregelen voorzien voor begraving urne in het urnenveld of urnenkelder. Deze overgangsmaatregelen bieden de nabestaanden actueel de mogelijkheid om vrij een grafteken te plaatsen op de urnenkelder of het urnenveld. Deze mogelijkheid tot vrije keuze voor het grafteken op urneveld of urnenkelder op de begraafplaatsen in Nevele zorgt voor een ongelijke behandeling van de nabestaanden naargelang de urne moet begraven worden op de begraafplaatsen in Nevele of Deinze. 

De vrije keuze voor het grafteken te plaatsen op het urnenveld of urnenkelder op de begraafplaatsen in Nevele heeft verder tot gevolg dat:

  • door de verschillende vormen en kleuren van de graftekens het sereen beeld van de begraafplaats wordt verstoord;
  • de kosten voor de nabestaanden heel wat hoger liggen dan bij het gebruik van een uniform gedenkteken;
  • bij beëindiging van de graftermijn er geen mogelijkheid is om in het kader van duurzaamheid het grafteken opnieuw te gebruiken.

Het gebruik van een uniform grafteken voor de urnenkelders heeft als voordeel dat beheer en opvolging eenvoudiger wordt en onderhoud van de percelen efficiënter kan gebeuren. Verder hebben de nabestaanden nog steeds de mogelijkheid om het uniform gedenkteken een persoonlijke toets te geven door het aanbrengen van een foto of een sierelement.

Plaatsen van uniforme graftekens op urnenkelders vraagt belangrijke en regelmatig terugkerende investeringen. In het verleden werden deze volledig gedragen door het bestuur.  Gelet op de huidige en toekomstige uitdagingen waarvoor de stad staat, is het aangewezen om een retributie in te voeren bij wijze van onkostenvergoeding voor het gebruik van het uniform gedenkteken. Deze retributie wordt vastgesteld in een afzonderlijk retributiereglement. 

Het college stelt voor om vanaf 1 januari 2026 enkel nog de plaatsing van een uniform grafteken op urnenkelders toe te laten op alle begraafplaatsen in Deinze. Het uniform gedenkteken wordt geplaatst door de stadsdiensten en bij wijze van vergoeding voor de gemaakte kosten wordt voorgesteld om een retributie te heffen.

Reglementen

Artikel 1

De politieverordening van 19 december 2019, laatst gewijzigd op 27 februari 2025 wordt als volgt gewijzigd: 

 

In artikel 30 §4 worden onder NEVELE (Oostbroek) de punten A en B integraal geschrapt en vervangen door volgende tekst: 

1° bijzetten urne in gratis geconcedeerde grond;

gratis geconcedeerde grond verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

2° begraven stoffelijk overschot in niet-geconcedeerde grond;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

3° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in geconcedeerde grond;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

4° bijzetten urne in gratis geconcedeerd  urnenveld;

gratis geconcedeerd urnenveld verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

5° plaatsen urne in niet-geconcedeerde urnenkelder

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

6° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerde urnenkelder;

geconcedeerde urnenkelder verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

7° bijzetten urne in gratis geconcedeerd columbarium;

gratis geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

8° plaatsen urne in een niet-geconcedeerd columbarium;[1]

niet-geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

9° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerd columbarium

geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

10° begraven stoffelijk overschot of urne van oud-strijder uit WOI of WOII in NIET-geconcedeerde grond op ereperk

niet-geconcedeerde grond op ereperk verleend = 50 jaar

11° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in enkel of dubbel geconcedeerde grafkelder;

grafkelder verleend tot uitputting grafkelders geplaatst vóór 01.01.2026

12° asverstrooiing.

 

In artikel 30 §4 worden onder HANSBEKE de punten A en B integraal geschrapt en vervangen door volgender tekst:

1° bijzetten urne in gratis geconcedeerde grond;

gratis geconcedeerde grond verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

2° begraven stoffelijk overschot in niet-geconcedeerde grond;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

3° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in geconcedeerde grond;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

4° bijzetten urne in gratis geconcedeerd  urnenveld;

gratis geconcedeerd urnenveld verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

5° plaatsen urne in niet-geconcedeerde urnenkelder

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

6° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerde urnenkelder;

geconcedeerde urnenkelder verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

7° bijzetten urne in gratis geconcedeerd columbarium;

gratis geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

8° plaatsen urne in een niet-geconcedeerd columbarium;

niet-geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

9° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerd columbarium

geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

10° begraven stoffelijk overschot of urne van oud-strijder uit WOI of WOII in NIET-geconcedeerde grond op ereperk

niet-geconcedeerde grond op ereperk verleend = 50 jaar

11° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in enkel of dubbel geconcedeerde grafkelder;

grafkelder verleend tot uitputting grafkelders geplaatst vóór 01.01.2026

12° begraven van een stoffelijk overschot van een levenloos geboren kind, ongeacht de duur van de zwangerschap in niet-geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

13° begraven van een stoffelijk overschot van een kind tot en met het 14e levensjaar in

niet-geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

14° begraven van een stoffelijk overschot van een kind tot en met het 14e levensjaar in

geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

15° begraven urne van een kind tot en met het 14e levensjaar in een niet- geconcedeerde urnenkelder op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerd urnenveld verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2026 = 15 jaar

16° begraven urne van een kind tot en met het 14e levensjaar in een geconcedeerde urnenkelder op de sterretjesbegraafplaats;

geconcedeerd urnenveld verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2026 = 20 jaar

17° asverstrooiing


In artikel 30 §4 worden onder LANDEGEM de punten A en B integraal geschrapt en vervangen door volgende tekst:

1° bijzetten urne in gratis geconcedeerde grond;

gratis geconcedeerde grond verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

2° begraven stoffelijk overschot in niet-geconcedeerde grond;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

3° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in geconcedeerde grond;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

4° bijzetten urne in gratis geconcedeerd  urnenveld;

gratis geconcedeerd urnenveld verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

5° plaatsen urne in niet-geconcedeerde urnenkelder

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

6° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerde urnenkelder;

geconcedeerde urnenkelder verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

7° bijzetten urne in gratis geconcedeerd columbarium;

gratis geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

8° plaatsen urne in een niet-geconcedeerd columbarium;

niet-geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

9° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerd columbarium

geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

10° begraven stoffelijk overschot of urne van oud-strijder uit WOI of WOII in NIET-geconcedeerde grond op ereperk

niet-geconcedeerde grond op ereperk verleend = 50 jaar

11° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in enkel of dubbel geconcedeerde grafkelder;

grafkelder verleend tot uitputting grafkelders geplaatst vóór 01.01.2026

12° begraven van een stoffelijk overschot van een levenloos geboren kind, ongeacht de duur van de zwangerschap in niet-geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

13° begraven van een stoffelijk overschot van een kind tot en met het 14e levensjaar in

niet-geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

14° begraven van een stoffelijk overschot van een kind tot en met het 14e levensjaar in

geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

15° begraven urne van een kind tot en met het 14e levensjaar in een niet- geconcedeerde urnenkelder op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerd urnenveld verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2026 = 15 jaar

16° begraven urne van een kind tot en met het 14e levensjaar in een geconcedeerde urnenkelder op de sterretjesbegraafplaats;

geconcedeerd urnenveld verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2026 = 20 jaar

17° asverstrooiing


In artikel 30 §4 worden onder MERENDREE de punten A en B integraal geschrapt en vervangen door volgende tekst:

1° bijzetten urne in gratis geconcedeerde grond;

gratis geconcedeerde grond verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

2° begraven stoffelijk overschot in niet-geconcedeerde grond;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

3° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in geconcedeerde grond;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

4° bijzetten urne in gratis geconcedeerd  urnenveld;

gratis geconcedeerd urnenveld verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

5° plaatsen urne in niet-geconcedeerde urnenkelder

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

6° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerde urnenkelder;

geconcedeerde urnenkelder verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

7° bijzetten urne in gratis geconcedeerd columbarium;

gratis geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

8° plaatsen urne in een niet-geconcedeerd columbarium;[1]

niet-geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

9° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerd columbarium

geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

10° begraven stoffelijk overschot of urne van oud-strijder uit WOI of WOII in NIET-geconcedeerde grond op ereperk

niet-geconcedeerde grond op ereperk verleend = 50 jaar

11° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in enkel of dubbel geconcedeerde grafkelder;

grafkelder verleend tot uitputting grafkelders geplaatst vóór 01.01.2026

12° begraven van een stoffelijk overschot van een levenloos geboren kind, ongeacht de duur van de zwangerschap in niet-geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

13° begraven van een stoffelijk overschot van een kind tot en met het 14e levensjaar in

niet-geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

14° begraven van een stoffelijk overschot van een kind tot en met het 14e levensjaar in

geconcedeerde grond op de sterretjesbegraafplaats;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

15° begraven urne van een kind tot en met het 14e levensjaar in een niet- geconcedeerde urnenkelder op de sterretjesbegraafplaats;

niet-geconcedeerd urnenveld verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2026 = 15 jaar

16° begraven urne van een kind tot en met het 14e levensjaar in een geconcedeerde urnenkelder op de sterretjesbegraafplaats;

geconcedeerd urnenveld verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2026 = 20 jaar

17° asverstrooiing.

 

In artikel 30 §4 worden onder POESELE de punten A en B integraal geschrapt en vervangen door volgende tekst: 

1° bijzetten urne in gratis geconcedeerde grond;

gratis geconcedeerde grond verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

2° begraven stoffelijk overschot in niet-geconcedeerde grond;

niet-geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

3° begraven stoffelijk overschot of bijzetten urne in geconcedeerde grond;

geconcedeerde grond verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar

4° bijzetten urne in gratis geconcedeerd  urnenveld;

gratis geconcedeerd urnenveld verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

5° plaatsen urne in niet-geconcedeerde urnenkelder

niet-geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

6° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerde urnenkelder;

geconcedeerde urnenkelder verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerde urnenkelder verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

7° bijzetten urne in gratis geconcedeerd columbarium;

gratis geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 10 jaar

8° plaatsen urne in een niet-geconcedeerd columbarium;[1]

niet-geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 15 jaar

9° plaatsen of bijzetten urne in geconcedeerd columbarium

geconcedeerd columbarium verleend vóór 01.01.2020 = 50 jaar (enkel bijzetten)

geconcedeerd columbarium verleend vanaf 01.01.2020 = 20 jaar (plaatsen en bijzetten)

10° begraven stoffelijk overschot of urne van oud-strijder uit WOI of WOII in NIET-geconcedeerde grond op ereperk

niet-geconcedeerde grond op ereperk verleend = 50 jaar

11° bijzetten stoffelijk overschot of urne in enkel of dubbel geconcedeerde grafkelder;

grafkelder verleend tot uitputting grafkelders geplaatst vóór 01.01.2026

12° asverstrooiing.


In artikel 30 §4 wordt onder VOSSELARE na "1° bijzetten stoffelijk overschot of urne in een geconcedeerde enkele of dubbele grafkelder;" de tekst "grafkelder verleend vóór 01.01.2020" ingevoegd. 

Artikel 2
In artikel 32, §4, 5°  wordt de zin "Asverstrooiing van personen vermeld onder 4° en 5° is onderworpen aan de betaling van een belasting" vervangen door de zin "Asverstrooiing van personen vermeld onder 4° en 5° is onderworpen aan de betaling van een retributie."

Artikel 3

In artikel 33, §1 wordt in de tekst "categorie DN/GG/k: volle grond (kind t/m volle leeftijd 12 jaar" het getal "12" vervangen door "14". 
In hetzelfde artikel, §3 wordt na de tekst "categorie DVB/CK/vk: concessie grafkelder - opp. 2,00 x 1,00 m= 2,00m²" de tekst "verleend tot uitputting grafkelders geplaatst vóór 01.01.2026" toegevoegd. 

Artikel 4
In artikel 34, §4 worden de tekens "<" vervangen door "vanaf' en ">" vervangen door "vóór". In artikel 34, §5 wordt in de tekst "Categorie NO/GCG/v (> 01.01.2006):" het teken ">" vervangen door "verleend vóór". 

Artikel 5
In artikel 36 wordt onder "1° niet-geconcedeerd" na het woord "urnenveld" de tekst "(vanaf 01.01.2026 enkel nog plaatsing urne in urnenkelder met uniform grafteken!)" ingevoegd. 

In hetzelfde artikel wordt onder "2° concessie - betalend" na het woord "urnenveld" de tekst "(vanaf 01.01.2026 enkel nog plaatsing urne in urnenkelder met uniform grafteken!)" ingevoegd. 

Artikel 6
In artikel 41 §1 wordt de zin onder punt 1° "De concessie gaat in vanaf de ontvangst van de aanvraag voor omzetting naar concessie." vervangen door "De concessie gaat in de dag volgend op de laatste dag van de initiële niet-geconcedeerde termijn."

In hetzelfde artikel, §3 tweede lid worden de woorden "een ontgravingstaks" vervangen door "een retributie voor ontgraving".

Artikel 7
In artikel 46, §1 1° wordt de zin "De concessie gaat in vanaf de ontvangst van de aanvraag voor omzetting naar concessie." vervangen door de zin "De concessie gaat in de dag volgend op de laatste dag van de initiële niet-geconcedeerde termijn."

In hetzelfde artikel, §3 wordt in het tweede lid het woord "ontgravingstaks" vervangen door de woorden "retributie voor ontgraving". 

Artikel 8
In artikel 57, eerste lid wordt de zin "De nieuwe termijn begint te lopen vanaf de einddatum van de oorspronkelijke concessietermijn." vervangen door de zin "De nieuwe termijn gaat in de dag volgend op de laatste dag van de initiële termijn. 

Artikel 9
In artikel 76 wordt de tekst onder §1 integraal vervangen door de tekst: 

§1. Begraafplaatsen  DEINZE

1° grafteken grondgraf of grafkelder (grafkelder verleend vóór 01.01.1999)

  • lengte: 200 cm 
  • breedte: 100 cm 
  • hoogte: 100 cm max.  boven het maaiveld. In geval van een houten kruis mag dit 125 cm zijn.

2° grafteken dubbel grondgraf of grafkelder (grafkelder verleend vóór 01.01.1999)

  • lengte: 200 cm
  • breedte: 200 cm
  • hoogte: 100 cm max.  boven het maaiveld. In geval van een houten kruis 125 cm. max.

3° grafteken kindergraf

  • lengte: 110 cm
  • breedte: 75 cm
  • hoogte: 100 cm boven het maaiveld. In geval van een houten kruis 125 cm max.

4° uniforme lessenaar urnenkelder (geplaatst door stadsdiensten)

  • afmetingen: één vierkante plaat van 50 x 50 cm
  • materiaal: jasberg
  • kleur: donkergrijs

Op de gedenkplaat wordt door de stadsdiensten een uniform naamplaatje aangebracht (standaardafmetingen 180 x 70 mm). Het plaatje vermeldt de volgende gegevens van de overledene:

  • Adeltitel (in voorkomend geval)
  • Voornaam, desgevallen gevolgd door (roepnaam) en familienaam
  • Geboorte- en overlijdensdatum

Voor het naamplaatje wordt een retributie toegepast.

Op de lessenaar kunnen nabestaanden naast het naamplaatje nog volgende ornamenten bevestigen:

  • Maximum 2 (enkele urnenkelder – 2 urnen) of 4 foto’s (dubbele urnenkelder – 4 foto’s)
  • Maximum 1 sierstuk (hoogte: maximum 15 cm – breedte: maximum 25 cm)

5° columbarium

Een columbarium moet langs de voorkant afgesloten worden met een uniforme plaat in natuursteen die wordt geleverd door het stadsbestuur.  Op deze plaat wordt door de stadsdiensten een uniform naamplaatje aangebracht (standaardafmetingen 100 x 65 mm). Het plaatje vermeldt de volgende gegevens van de overledene:

  • Adeltitel (in voorkomend geval)
  • Voornaam, desgevallend gevolgd door (roepnaam) en familienaam
  • Geboorte- en overlijdensdatum

Voor het naamplaatje wordt een retributie toegepast

Op de sierplaat kunnen nabestaanden naast het naamplaatje nog volgende ornamenten bevestigen:

  • Maximum 2 foto’s
  • Maximum 1 sierstuk of bloemenhouder. De bloemenhouder mag ten hoogste 15 cm uitsteken.

Voor de fundering van een grafteken op een grondgraf of grafkelder is enkel het gebruik van een prefab betonkader toegelaten.

 

In artikel 76 wordt de tekst onder §2 integraal vervangen door de tekst:
 
§2. Begraafplaatsen NEVELE

1° grafteken grondgraf  – Nevele (sensu strictu)

  • lengte: 200 cm 
  • breedte: 100 cm 
  • hoogte: 100 cm max.  boven het maaiveld.

2° grafteken grondgraf  - Hansbeke, Landegem, Merendree, Poesele en Vosselare

  • lengte: 165 cm
  • breedte: 70 cm
  • hoogte: 100 cm max.  boven het maaiveld.

3° grafteken kindergraf

  • lengte: 150 cm
  • breedte: 60 cm
  • hoogte: 100 cm boven het maaiveld.

4°  grafteken enkele grafkelder (kelders verleend tot uitputting voorraad geplaatst vóór 01.01.2026!)

  • lengte: 200 cm
  • breedte: 100 cm
  • hoogte: 100 cm boven het maaiveld.

5° grafteken dubbele grafkelder (kelders verleend tot uitputting voorraad geplaatst vóór 01.01.2026!)

  • lengte: 200 cm
  • breedte: 200 cm
  • hoogte: 100 cm boven het maaiveld.

6° grafteken urnenkelder (urnenkelder verleend vóór 01.01.2026!)

Het plaatsen van een monument is verplicht en moet gecentreerd worden op een perceel van 100 x 100 cm en met een maximumhoogte van 50 cm. Het monument mag niet buiten de perceelgrens komen.  Men kan ervoor kiezen als fundering een plaat uit hard materiaal te plaatsen met volgende afmetingen:  

  • lengte: 100 cm
  • breedte: 100 cm
  • hoogte: 8 cm

7° uniforme lessenaar urnenkelder (geplaatst door stadsdiensten vanaf 01.01.2026)

- afmetingen sierplaat: één vierkante plaat van 50 x 50 cm

- materiaal: jasberg

- kleur: donkergrijs

Op de gedenkplaat wordt door de stadsdiensten een uniform naamplaatje aangebracht (standaardafmetingen 180 x 70 mm). Het plaatje vermeldt de volgende gegevens van de overledene:

  • Adeltitel (in voorkomend geval)
  • Voornaam, desgevallen gevolgd door (roepnaam) en familienaam
  • Geboorte- en overlijdensdatum

Op de lessenaar kunnen nabestaanden naast het naamplaatje nog volgende ornamenten bevestigen:

  • Maximum 2 (enkele urnenkelder – 2 urnen) of 4 foto’s (dubbele urnenkelder – 4 foto’s)
  • Maximum 1 sierstuk met kort gedicht of bezinningstekst (hoogte: maximum 15 cm – breedte: maximum 25 cm)

Voor de plaatsing van een naamplaatje wordt een retributie toegepast.

8° columbarium

Columbarium  - type zeshoek of type 2008-‘Urba-Style)

Een columbarium moet langs de voorkant afgesloten worden met een uniforme plaat in natuursteen die wordt geleverd door het stadsbestuur.               

Op deze plaat wordt door de stadsdiensten een uniform naamplaatje aangebracht (standaardafmetingen 100 x 65 mm). Het plaatje vermeldt de volgende gegevens van de overledene:

  • Adeltitel (in voorkomend geval)
  • Voornaam, desgevallend gevolgd door (roepnaam) en familienaam
  • Geboorte- en overlijdensdatum

Voor de plaatsing van een naamplaatje wordt een retributie toegepast.

Op de sierplaat kunnen nabestaanden naast het naamplaatje nog volgende ornamenten bevestigen:

  • Maximum 2 foto’s
  • Maximum 1 sierstuk of bloemenhouder. De bloemenhouder mag ten hoogste 15 cm uitsteken.

Voor de fundering van een grafteken op een grondgraf of grafkelder is enkel het gebruik van een prefab betonkader toegelaten.

Artikel 10
In artikel 77 wordt het eerst lid "Op de gedenksteen op de strooiweide kan op uitdrukkelijke vraag en kosten van de nabestaanden een eenvormig en vlak gedenkplaatje in kunststof worden aangebracht. Naam, voornaam en geboorte en overlijdensjaar worden in het gedenkplaatje gegraveerd, met uniform lettertype, namelijk ROMANO, hoogte 2 cm. Dit plaatje wordt aangekocht, gegraveerd en geplaatst door het stadsbestuur." opgeheven en vervangen door de tekst: "Op uitdrukkelijke vraag van de nabestaanden wordt door de stadsdiensten een uniform naamplaatje aangebracht op de gedenksteen aan de strooiweide."

In de zin "Voor de plaatsing van het plaatje wordt een retributie aangerekend" wordt het woord "aangerekend" vervangen door "toegepast". 

Artikel 11
In artikel 100 wordt onder punt 1° de zin "De concessietermijn begint te lopen vanaf de datum van ontvangst van de aanvraag tot omzetting." vervangen door "De concessie gaat in de dag volgend op de laatste dag van de initiële niet-geconcedeerde termijn."

Artikel 12
De politieverordening op de begraafplaatsen en lijkbezorging met wijzigingen integraal opgenomen en verwerkt in bijlage 2 bij dit besluit, wordt goedgekeurd. 

Publieke stemming
Aanwezig: Filip Vervaeke, Rutger De Reu, Jan Vermeulen, Sofie D'hondt, Nathalie Lambrecht, Johan Cornelis, Marleen Vanlerberghe, Bart Van Thuyne, Bruno Dhaenens, Conny De Spiegelaere, Annick Verstraete, Eric Van Huffel, Freija Dhondt, Gunnar Claeys, Matthias Neirynck, Stephanie Debeurme, Olaf Evrard, Els Baart, Jan Pauwels, Bart Vermaercke, Alexander Adams, Carline De Paepe, Kristof Van den Berghe, Ortwin Depoortere, Peter Parmentier, Bram Stroobandt, Marc Cocquyt, Beatrice Thaler, An Standaert, Ilse Dobbelaere, Delphine Verschelde, Hugo Schaeck, Zoë Van Doorne, Peter De Maertelaere, Ronny Vermeulen, Stefanie De Vlieger
Voorstanders: Filip Vervaeke, Rutger De Reu, Jan Vermeulen, Sofie D'hondt, Nathalie Lambrecht, Johan Cornelis, Marleen Vanlerberghe, Bart Van Thuyne, Bruno Dhaenens, Conny De Spiegelaere, Annick Verstraete, Eric Van Huffel, Freija Dhondt, Gunnar Claeys, Matthias Neirynck, Stephanie Debeurme, Olaf Evrard, Els Baart, Jan Pauwels, Bart Vermaercke, Alexander Adams, Carline De Paepe, Kristof Van den Berghe, Ortwin Depoortere, Peter Parmentier, Bram Stroobandt, Marc Cocquyt, Beatrice Thaler, An Standaert, Ilse Dobbelaere, Delphine Verschelde, Hugo Schaeck, Zoë Van Doorne, Peter De Maertelaere, Ronny Vermeulen
Resultaat: Goedgekeurd met eenparigheid van stemmen.
Besluit

Artikel 1

De politieverordening van 19 december 2019, laatst gewijzigd op 27 februari 2025 wordt gewijzigd.

Artikel 2
Dit besluit van de gemeenteraad en de inhoud ervan wordt bekendgemaakt op de webtoepassing van de stad. De toezichthoudende overheid wordt op de hoogte gebracht van de bekendmaking (artikel 286 §1, artikel 287 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017).